Menu Sluiten

‘Even een paar weken zon, en Nederland is weer kurkdroog’

Eind mei was het grondwaterpeil in Nederland op orde, inmiddels wordt alweer verboden om water op te pompen: waar blijven de spaarbekkens?

Natuurlijk was iedereen blij toen de zondvloed van regen en kou van eind mei begin juni plaats maakte voor droog en zonnig weer. Maar binnen twee weken kleurt op veel plaatsen het gras alweer geel, hebben boeren hun haspels en sproei-installaties weer uitgerold en staan Nederlanders hun tuin weer te sproeien. Dat kan beter.

Eind mei was het grondwaterpeil in Nederland op orde, meldde het KNMI. Maar al op 11 juni kondigde waterschap Brabantse Delta voor vijf gebieden in West-Brabant een verbod aan voor boeren om water uit sloten en vaarten op te pompen, om daarmee akkers en weilanden te beregenen. Komend weekend volgt waterschap Limburg met zo’n verbod.

Appeltjes voor de dorst

Hoe kan het dat Nederland het geen twee weken zonder nieuw hemelwater kan uitzingen? Het antwoord is dat, ondanks lovenswaardige pogingen van waterschappen, boeren en beheerders van natuurterreinen, Nederland veel te weinig water reserveert als appeltje voor de dorst.

Op kleine schaal wordt, bijvoorbeeld met kleine stuwtjes in poldersloten, op dit moment al wel water tegengehouden. Maar om het groeiende probleem van droge zomers het hoofd te bieden, zijn veel grootser waterwerken nodig. Bijvoorbeeld de aanleg van spaarbekkens waarin overtollig winterwater kan worden opgeslagen. Zo vermijden we tijdelijke wateroverlast, stimuleren we de natuur en kunnen fraaie recreatiemogelijkheden ontstaan, zoals de ‘waterhouderij’ in het Brabantse Laarbeek bij Helmond aantoont.

Stuwmeertjes

Met zeven van dit soort stuwmeertjes van amper 15 hectare zou het droge Oost-Brabantse stroomgebied de groeiende zomerdroogten beter kunnen weerstaan. Mogelijk kan er zelfs duurzame energie mee worden gewonnen. Ook zomerse hoosbuien, net als zomerdroogte een voorspeld effect van klimaatverandering, zouden erin kunnen worden opgeborgen.

Ook ondergronds zou Nederland in de natte winters veel op dat moment overtollig regen- en rivierwater tijdelijk kunnen bewaren. Dat biedt vooral goede opties in de relatief droge zandgrondgebieden, want tussen zandkorrels kan veel water worden opgeslagen. In de zomer zouden boeren dat water kunnen gebruiken om te beregenen. De natuur zou evenzeer van het grondwater profiteren. En er zou zelfs geweldig drinkwater mee gemaakt kunnen worden, zoals al sinds 1850 gebeurt in de Amsterdamse Waterleidingduinen.

Stedelijke opslag

Ondergrondse wateropslag kan bovendien ook prima gebeuren in steden, zoals onder meer de regenwateropvang van het Sparta-stadion overtuigend bewijst. Als we dat nu eens op meer plaatsen in Nederland zouden gaan doen, en wateropslag minder vrijblijvend in de ordening van onze ruimte vastleggen, dan zijn ook in de toekomst de droge tijden veel beter door te komen.

René Didde is journalist en auteur van het boek Nederland Droogteland 

> Lees dit stuk online bij De Volkskrant
> Download dit stuk als PDF