Menu Sluiten

‘Een kwartier douchen is niet normaal’

Drinkwaterbedrijven en waterschappen voeren al jaren campagne om mensen tot spaarzamer watergebruik te bewegen. Toch gebruiken we juist steeds meer water. Wat leert de gedragswetenschap? ‘Kennis alleen is niet voldoende, mensen moeten het ook willen.’

Al jaren proberen drinkwaterbedrijven hun klanten te bewegen minder water te gebruiken. Vrijwel elk drinkwaterbedrijf voert een campagne met informatie, tips en soms handige hulpmiddeltjes als een zandloper om je tijd onder de douche te beperken. Vooralsnog heeft het allemaal weinig resultaat: gebruikte de Nederlander in 2013 gemiddeld 119 liter water per persoon per dag, anno 2021 is dat volgens het CBS opgelopen tot 129 liter.

Vooral de douche (45 liter per dag) en het toilet (30 liter) zijn grootverbruikers, meldt drinkwaterbrancheorganisatie Vewin. Het CBS nuanceert de stijging door te wijzen op veranderingen in de rekenmethode en de twee ‘covidjaren’, waarin veel mensen thuiswerkten. Ook de droge jaren 2018, 2019 en 2020 stuwden ongetwijfeld het watergebruik op doordat men vaker een douche nam, zwembadjes vulde en de tuin sproeide.

Nu de bevolking en dus de watervraag groeit en het klimaat verandert, waarschuwen drinkwaterbedrijven dat ze in de toekomst niet aan de watervraag kunnen voldoen. Om het tij te keren, proberen de bedrijven consumenten daarom bewuster te maken van hun eigen watergebruik. Brabant Water, dat diep grondwater oppompt, liet bewoners in vier grote steden op sociale media zien uit welk natuurgebied hun drinkwater komt, en wat de gevolgen daarvan zijn voor de natuur. Om de douchetijd te bekorten, raadt het bedrijf bewoners aan een afspeellijst te maken met nummers van vier minuten, en niet meer dan één liedje onder de douche te zingen.

Kennis is niet voldoende

We weten van andere campagnes dat louter overdracht van kennis en ‘weetjes’ maximaal zo’n 5 procent besparing oplevert, zegt Judith Roumen, sociaal psycholoog bij Milieu Centraal. “Drinkwaterbedrijven kunnen niet in hun eentje gedragsverandering bij consumenten bewerkstelligen. Daar is meer voor nodig”, zegt ze. “Kennis alleen is niet voldoende. Mensen moeten het ook willen en ertoe in staat worden gesteld.”

Roumen noemt de campagne tegen roken als leerzaam voorbeeld. Hoewel er nog altijd veel wordt gerookt, is de norm totaal omgekeerd: binnenshuis roken is abnormaal geworden. “De overheid heeft een scala succesvolle maatregelen genomen”, zegt Roumen. Wetgeving, reclameverbod, coaching, campagnes. Door stapsgewijze accijnsverhoging is de prijs van een pakje sigaretten in twintig jaar verdrievoudigd.

Met energie zie je iets dergelijks gebeuren, zegt Reint Jan Renes, gedragswetenschapper aan de Hogeschool van Amsterdam. “Er zijn isolatiecoaches die snelle scans maken om je huis te isoleren. Er zijn subsidies voor warmtepompen en elektrische auto’s. De politiek hanteert ferme doelen om de CO2-uitstoot te verminderen en los te komen van de fossiele verslaving.”

Geslaagde campagne

De campagne ‘Zet de knop om’, kort na de Russische inval in Oekraïne in 2022, noemt Renes zeer geslaagd. “Slechts vijf speerpunten, waaronder de thermostaat lager zetten en korter douchen. Dat was voor iedereen meteen helder.” Het energieverbruik daalde onmiddellijk, zegt Renes, al speelden de torenhoge gasprijzen en solidariteit met Oekraïne natuurlijk ook een rol. “Mensen hadden het idee dat ze door minder te verbruiken zelf bijdroegen.”

Zowel Renes als Roumen vindt dat iets dergelijks zou moeten gebeuren om het watergebruik omlaag te brengen. Het kabinet zegt dat we in 2035 twintig procent minder drinkwater moeten gebruiken, zegt Renes, maar koppelt daar nog geen concrete maatregelen aan. “De overheid zou tuincoaches in kunnen zetten die mensen helpen hun tuin klimaatrobuuster te maken. Drinkwaterbedrijven en de overheid zouden samen het waterverhaal van nieuwe normen moeten voorzien.”

Wat daarbij niet helpt: zelfs als water ‘s zomers schaars is, blijft het spotgoedkoop. In de Drinkwaterwet staat immers dat waterbedrijven hun product tegen een zo laag mogelijke kostprijs moeten aanbieden. In Vlaanderen is dit wel anders: daar geldt een gestaffeld tarief. Voor je kopje thee, je wasmachine en de afwas betaal je een basistarief, maar grootverbruikers (denk aan tuinsproeiers en zwembaden) betalen fors meer.

Nederlandse drinkwaterbedrijven en waterschappen lobbyen nu om de wet aan te passen. Maar de sector heeft geen eensluidend antwoord op de vraag hoe het dan wel moet, zegt Vitens-directeur Jelle Hannema. ‘Water was altijd beschikbaar en daarom nooit een thema.’ Prijsprikkels werken wel, want door de hoge gasprijs gingen mensen korter en minder douchen, zag Vitens in de cijfers. Hannema: “We denken na over een proef met slimme watermeters en beïnvloeding van gedrag. Als drinkwatersector hebben we ons gecommitteerd aan twintig procent waterbesparing, zoals in het Rijksbeleid staat. We pleiten daarom ook voor ‘waterbewust bouwen’, om het gebruik te beperken en verantwoord gebruik van regenwater in nieuwbouw verplicht te maken.”

Vijf minuten douchen

Zou het helpen als de overheid een aanzet geeft richting een nieuwe norm, door een bepaalde hoeveelheid water per inwoner toe te kennen als ‘duurzame hoeveelheid’? Reint Jan Renes ziet er wel brood in. In plaats van het hedendaags gebruik van 129 liter per dag, zou je volgens Renes kunnen berekenen wat een ‘normaalverbruik’ is. “Daar kun je een weekgebruik op baseren. Maak vervolgens een app die aangeeft dat je bijvoorbeeld op vrijdag dit volume al nadert en dat je zuinig aan moet doen. En dan niet in een donkere meterkast of nare kruipruimte, maar op je telefoon. Je zet als waterbranche echt stappen als je weet te bereiken dat mensen met buren, familie of collega’s hier gesprekken of zelfs wedstrijdjes over aangaan.” Roumen: “Maximaal vijf minuten douchen is de norm, niet vijftien minuten.”

Er verandert intussen wel wat, constateert Stefanie Salmon, gedragswetenschapper bij wateronderzoeksinstituut KWR. “Steeds vaker zie ik dat drinkwaterbedrijven naast kennisoverdracht en besparingstips ook inzetten op andere gedragsveranderingstechnieken.” Dus geen informatie waar je over moet nadenken, maar technieken die inspelen op de gedachteloze wijze waarop je veel dagelijks gedrag uitvoert. “Zo’n liedje van 4 minuten onder de douche, of een sticker bij de wastafel met ‘kraan dicht tijdens tandenpoetsen’, kan gedachteloos watergebruik doorbreken.” Die sticker prent zich op een gegeven moment in je hoofd. Salmon ziet ook mogelijke oplossingen in wekelijkse quota en slimme watermeters met een app die een oranje-rode zone aangeeft als je je quotum nadert. “Maar op de langere termijn zijn sociale normen nodig.”

Een andere flinke stap naar een nieuwe norm is dat de overheid in het Bouwbesluit voorschrijft dat nieuwbouwwoningen een waterberging in de tuin of een groen-blauw dak moeten hebben. Dergelijke maatregelen leidden in Vlaanderen tot een daling van het watergebruik van 120 liter naar 100 liter per persoon per dag. Salmon: “Maar daar voeren ze al twintig jaar campagne om minder water te verspillen.”


Meldingsplicht voor ‘kleine grondwateronttrekkingen’

De provincie Noord-Brabant is in een eeuw tijd nationaal kampioen grondwateronttrekken geworden. Niet alleen boeren en bedrijven lurken – vaak met vergunning – aan de grondwatervoorraden. Sinds het recorddroge jaar 1976 hebben ook duizenden particulieren een waterputje geslagen. Niemand weet hoeveel het er zijn, hoeveel water wordt onttrokken en waar mensen het voor gebruiken. De tuin, en vooral het gras, lijkt het hoofddoel.

Waterschap De Dommel en Waterschap Brabantse Delta zijn het nu zat: vanaf 1 september voeren de waterschappen een meldingsplicht voor zo’n put in. “We hopen inzicht te krijgen hoeveel grondwater via zo’n put wordt onttrokken”, zegt waterschapsbestuurder Mado Ruijs van De Dommel. “Het aanmelden van de put gaat heel eenvoudig via een formulier op onze website. Daarna beraden we ons wat we er aan gaan doen.” Wie een nieuwe grondwaterput wil boren, moet voortaan een vergunning aanvragen.

Ook Waterschap Limburg voert een dergelijk beleid. Inwoners krijgen door binnenkort in de openbare ruimte te onthullen grondwaterpeilmeters via een stoplichtmodel (groen-oranje-rood) informatie over de hoogte van het peil. Stimuleringsregelingen moeten burgers en gemeenten ertoe aanzetten water op te vangen voor de eigen tuin en infiltratiekratten, wadi’s en klimaatbuffers aan te leggen.


Lees dit stuk in Trouw (pdf)