Menu Sluiten

Trouw

René Didde is milieukundig ingenieur, wetenschapsjournalist én wijnboer in Frankrijk.

Hij zag daar drie jaar geleden de droogtestress toeslaan in de wijnranken. Het was voor hem het laatste zetje tot het schrijven van een boek: Nederland Droogteland.

Dat boek begint met een merkwaardig feit: Nederland kampt met droogte, terwijl het meer neerslag krijgt dan voorheen, niet minder: gemiddeld 850 millimeter per jaar in plaats van 750 millimeter een eeuw geleden. Op het oog is droogte een oplosbaar probleem.

Probleem, zegt Didde, is dat het water niet gemiddeld en geleidelijk gedurende het jaar komt. Er is veel water als we er niets mee kunnen en weinig als we het nodig hebben. “Een boer die in februari mest wil uitrijden wil droog land zien. En in april, mei, als het zaad moet ontkiemen en het pootgoed moet aanslaan, heeft het land water nodig. Maar in de weerpatronen gebeurt precies het tegenovergestelde: de laatste jaren is februari erg nat, en het vroege voorjaar erg droog. Door klimaatverandering nemen de extremen toe en wordt de watertoevoer alleen maar grilliger.”

Dat betekent, zegt Didde, dat we water moeten vasthouden in de periode dat het overvloedig komt, en geleidelijk moeten afgeven in de droge perioden. En dat is maar één voorbeeld; in zijn boek onderzoekt hij allerhande (proef)projecten en ideeën om beter met water om te gaan.

Het kan, maar het vergt grootscheepse veranderingen. De Nederlanders hebben iedere vierkant meter van hun kwetsbare delta benut. Zijn gaan bouwen waar je dat beter niet kunt doen, en landbouw gaan bedrijven waar dat eigenlijk niet houdbaar is. En de watervoorziening moest daar steeds maar op worden aangepast.

Nu keert de wal het schip, en is er een gezagvoerder nodig om de problemen op te lossen. De ruimtelijke ordening die er was is de nek omgedraaid door een liberale premier die dacht dat het zonder visie kon. Nu blijken visie en regie heel hard nodig, zegt Didde: “En dat moeten we kunnen. We zijn een halve eeuw geleden begonnen met grootscheepse ruilverkavelingen om tot de huidige productieve en intensieve landbouw te komen. Dan kunnen we nu ook een omgekeerde ruilverkaveling beginnen om het landgebruik weer in overeenstemming te brengen met de wateraanvoer. Het waterpeil moet niet worden geregeld naar het landgebruik, gebruik moet peil volgen. En het mooie is: energietransitie en stikstofprobleem kunnen deels meeliften op deze ommekeer.”

Gevoed met de heroïsche geschiedenis van de lage landen, zijn we gaan geloven dat we het water de baas konden zijn. Een illusie, blijkt nu. “Nou”, zegt Didde, “we kunnen het water de baas zijn, als we het water gehoorzamen.”

Lees het volledige essay op de Trouw-website of als pdf